Wat is een obligatie, en hoe veilig is ze?

Een obligatie is een lening aan een overheid of een bedrijf: je krijgt elk jaar interest en op de vervaldag je geld terug. Dat maakt ze voorspelbaarder dan een aandeel, maar niet zonder risico. Wat koop je precies, wat kan er mislopen en wat neemt de fiscus?

Wat koop je eigenlijk als je een obligatie koopt? Een lening, waarbij jij de rol van de bank speelt. Je leent je geld voor een afgesproken tijd uit aan een overheid of een bedrijf, en je krijgt er interest voor. Dat klinkt eenvoudig en veilig. Toch kan ook een obligatie je geld kosten.

Een lening met een einddatum

Een obligatie is een lening aan een overheid of een bedrijf voor een bepaalde looptijd. Wie de obligatie uitgeeft, heet de uitgever of emittent. Hij betaalt je interest, de coupon, en op de vervaldag krijg je het geleende bedrag terug.

Stel dat je 1.000 euro belegt in een obligatie met een coupon van 3 procent en een looptijd van vijf jaar. Dan krijg je elk jaar 30 euro interest, en na vijf jaar je 1.000 euro terug. Die bedragen zijn bruto, dus vóór belastingen.

Schuldeiser, geen mede-eigenaar

Het verschil met een aandeel is groot. Met een aandeel word je voor een klein stukje eigenaar van een bedrijf, en je opbrengst hangt af van hoe goed het bedrijf het doet. Met een obligatie ben je schuldeiser: je weet vooraf wat je krijgt en wanneer.

Die zekerheid heeft wel twee voorwaarden. De uitgever moet zijn afspraken kunnen nakomen, en jij moet de obligatie bijhouden tot de vervaldag.

Drie risico’s om te kennen

Een obligatie is dus niet zonder risico. De voornaamste gevaren:

  • De uitgever betaalt niet. Komt een bedrijf of een overheid in moeilijkheden, dan kun je je intrest of zelfs je inleg kwijtspelen.
  • De rente stijgt. Dan worden nieuwe obligaties aantrekkelijker en daalt de koers van de jouwe. Hoe langer de looptijd, hoe gevoeliger de obligatie daarvoor is.
  • Je raakt ze niet snel kwijt. Sommige obligaties zijn moeilijk te verkopen. Bij een obligatie in een vreemde munt speelt bovendien de wisselkoers mee.

Een hoge coupon lijkt aantrekkelijk. Maar hij is zelden een geschenk: een uitgever in wie beleggers minder vertrouwen hebben, moet meer bieden om geld op te halen.

Let wel: een koersdaling raakt je alleen als je vóór de vervaldag verkoopt. Wie wacht tot het einde, krijgt het geleende bedrag terug, zolang de uitgever overeind blijft.

De staatsbon: de bekendste obligatie

De bekendste obligatie in België is de staatsbon. Daarmee leen je geld uit aan de Belgische overheid, doorgaans voor één tot tien jaar. De overheid geeft meestal vier keer per jaar staatsbons uit, en je kunt al intekenen vanaf 100 euro, via je bank of rechtstreeks bij het Federaal Agentschap van de Schuld.

Het risico dat de Belgische overheid failliet gaat, is volgens Wikifin bijzonder klein. Daarom geldt de staatsbon als veilig, maar daar staat doorgaans een lager rendement tegenover. Je kunt een staatsbon ook vóór de vervaldag op de beurs verkopen. Maar de prijs kan dan afwijken van wat je betaalde, en je betaalt kosten.

Wat de fiscus neemt

Op elke coupon houdt de bank 30 procent roerende voorheffing in, een belasting die meteen van je intrest afgaat. Van een coupon van 3 procent blijft zo 2,1 procent over. In het voorbeeld van daarnet gaat van de 30 euro intrest per jaar dus 9 euro naar de fiscus. Koop of verkoop je een obligatie op de beurs, dan betaal je meestal ook 0,12 procent beurstaks. Bij een aankoop op het moment van de uitgifte geldt die taks niet.

Daarnaast betaal je ook transactiekosten aan de bank bij elke aankoop en verkoop. Verkoop je een obligatie met winst, dan komt bovendien de meerwaardebelasting van 10 procent in beeld. De eerste 10.000 euro winst per persoon per jaar blijft wel vrijgesteld. Die belastingen zijn federaal en gelden dus in elk gewest.

Los kopen of via een fonds?

Je kunt een obligatie apart kopen, maar ook beleggen via een obligatiefonds of een obligatie-ETF, een fonds dat een index volgt en op de beurs noteert. Zo’n fonds spreidt je geld over veel uitgevers, zodat één wanbetaler minder zwaar weegt.

Welke weg bij je past, hangt vooral af van je horizon. Weet je dat je het geld pas over vijf jaar nodig hebt, dan kan een obligatie met die looptijd rust geven. Kun je het geld vroeger nodig hebben, dan weegt het renterisico natuurlijk zwaarder door.

Bronnen

Dit artikel is algemene informatie, geen beleggings-, fiscaal of juridisch advies. De redactie haalt haar informatie uit betrouwbare bronnen, maar kan niet instaan voor de juistheid of de actualiteit ervan en is niet aansprakelijk voor schade als die informatie onjuist of verouderd blijkt. Cijfers en regels wijzigen: toets je eigen situatie altijd af bij je bank, verzekeraar, notaris of adviseur. Fout gespot? Neem contact op.

obligatiestaatsboncouponbeleggenroerende voorheffing

Verder lezen

Alle artikels →
Beleggen

Zelf een obligatie kopen: waar je op let voor je klikt

Met de hogere rente komen obligaties weer in beeld. Een losse obligatie kopen werkt anders dan een aandeel: je betaalt een koers in procent, soms ook verlopen rente, en vaste kosten wegen zwaar op kleine bedragen. Zes zaken om na te kijken voor je je order plaatst.

4 min lezen